1000/Starlet/Yaris

 

De naam Starlet wordt gebruikt voor de benaming van een aanstormend talent (=sterretje). Dat de Starlet een talentvolle auto was mag duidelijk zijn, getuige de lange periode dat de Starlet in vele modellen en uitvoeringen leverbaar was.

 

1000 KP3# serie.

Hoewel de Toyota 1000 in 1968 niet als Starlet-naam op de markt verschijnt, kunnen we dit model wel als “oer-Starlet” zien. De KP30.

 

In 1972 kwam het tweede model 1000 uit. Te onderscheiden zijn de KP30 en de KP36, het stationmodel. Beiden werden geleverd met de 993 cc grote 2K-motor van 46 pk.

Starlet KP6 serie.

In 1978 kwam het eerste echte Starlet-model uit, de P6-serie. De eerste modellen waren leverbaar met dezelfde 993 cc 2K-motor en gingen dor het leven als KP60. De KP62 had de 3K motor van 1166 cc. Deze motor leverde 54 pk.

In 1980 werd een facelift doorgevoerd, waar-bij de koplampen niet meer rond maar vierkant waren. Ook was het liggende randje tussen de beide koplampen minder diep. In 1983 kwam de tweede facelift en wel met een versie met kunststof bumpers, een schuiner front en een achterklep die tot op de bumper openging. In plaats van de 1166 cc 3K motor werd de toegepaste motor de 4K motor van 1290 cc en 65 pk. Binnen deze modellijn was een drie- en vijfdeurs hatchback leverbaar. Beide foto’s zijn van na de facelift (de bovenste is van het 1980 model en de onderste van het 1983 model).

Starlet EP70 serie.

In 1985 werd de Starlet opgevolgd door het P7-model. Net zoals de andere Toyotamodellen waren overgestapt op voorwielaandrijving, gebeurde dit met het P7 model eveneens. De ten opzichte van de concurrentie geavanceerde motoren hadden drie kleppen per cilinder. De 1E 999cc motor leverde 54 pk en de 2E 1295 cc motor (dezelfde als in de Corolla) leverde 75 pk. Vanaf 1987 was ook een dieseluitvoering leverbaar met de 1453 cc grote 1N motor. De carrosserievarianten waren erg eenvoudig: een drie- en vijfdeurs hatchback.

Met dit model Starlet werd op onder andere Zandvoort de Starlet-Cup verreden. Er werd gebruik gemaakt van de opgevoerde 1295 cc versie. Ook dit model kwam uit met een SXL-versie, maar die had niet de luxe extra, zoals toerenteller en schuifkanteldak, zoals die in de Corolla leverbaar waren. De 1.3 S versie had wel een dashboard met toerenteller en verder was deze voorzien van een voor- en dakspoiler en sportstoelen.

Starlet EP8# serie.
In 1990 kwam het ronde P8 model uit. Vanwege het feit dat in Nederland in die periode auto’s met geregelde katalysatoren werden gesubsidieerd, was als benzinemotor alleen het 1295 cc grote 2E-E exemplaar met drie kleppen per cilinder en multipoint inspuiting van 75 pk leverbaar. Alleen de 1.3 XL Automaat had nog de oude carburateurmotor. In België bijvoorbeeld was dezelfde Starlet met de 999 cc 1E motor leverbaar.

Met de Nederlandse subsidie verrekend, was het basismodel van de Nederlandse Starlet (de 1.3i Friend) vrijwel net zo duur als het basismodel uit België, de 1.0 DL. In de Corolla had deze motor wat meer vermogen, maar vanwege de koeling werd deze “afgeknepen” op 75 pk. In alle testen werd dit model geroemd om zijn pittige motorkarakter: Van 0 tot 100 km per uur in 10,3 seconden en een top van 170 km per uur. Voor de kilometervreters was er ook de 1453 1N diesel van 54 pk. De automaatversies hadden trouwens vreemd genoeg geen brandstof-inspuiting.

De bovengenoemde Friend-uitvoering was een echt kaal exemplaar, want de auto moest het stellen zonder klokje, interval en zonder wis-was op de achterruit (wel tegen meerprijs leverbaar). Maar ook bijvoorbeeld een toerenteller was nog niet standaard op de XLi en GLi en werd pas standaard op de Sport, .GT, GTSi en Si-versies.De Starlet P8 was leverbaar als drie- en vijfdeurs hatch-back. De meeste modellen zijn verkocht als driedeursmodel.

In Nederland werd niet geraced met dit model. Onderstaande foto is op een buitenlands circuit genomen. Alleen kom je hem wel zo af en toe bij een rallysprint tegen in Nederland.

Starlet EP90 serie.
In 1996 verdween dit karaktervolle model en kwam een wat meer behouden model op de markt, de Starlet P9. De 4E-FE motor van 1332 cc van 75 pk uit de Corolla werd de basismotor voor deze Starlet.

Het motormanagement was zo geprogrammeerd zoals de tweede lichting E10 Corolla ook had. Bij de eerste lichting (1992 tot 1995) van de Corolla leverde deze motor 88 pk bij 6.000 toeren per minuut. In theorie zou het dus mogelijk moeten zijn deze Starlet ook 88 pk mee te geven. Karakteriserend aan dit model waren de beschermingsstrips over de portieren met drie gekleurde biezen.

Dit model was duidelijk minder populair als het voorgaande model. Aan het eind van de levensloop kwamen de “red”, “blue” en “black”-uitvoeringen, welke in deze kleuren waren gespoten, een aantal extra’s hadden en zelfs dashboardaccenten in die kleur hadden. Ook was een airbag standaard op dit model. Zie de bovenstaande interieurfoto, waarbij deze black-uitvoering tevens geel leden inzetstukken heeft. Deze uitvoering was nog zeldzamer.

Bij deze Starlet was pas vanaf de GLi-uitvoering het dashboardklokje standaard. Vanwege deze zeldzaamheid vragen de demontagebedrijven flinke prijzen voor een gebruikt klokje.

Yaris P10.
In maart 1999 kwam model P10, de Yaris uit. Dit was zo’n totaal ander auto, dat van de Starletnaam werd afgestapt. De carrosserie was in Europa getekend. Was de Starlet altijd al motorisch gezien het beste in zijn klasse, de Yaris kreeg motoren met variabele kleptiming (VVT-i) mee. Laatstgenoemde zorgt voor veel vermogen als dit gevraagd wordt en een zuinig karakter als geen prestaties gevraagd werden. In de auto was het digitale dashboard met boardcomputer de grote attractie. Vanwege de plaatsing in het midden naar de bestuurder toe en de projectie (zo-als ook het Lexus LS400 dashboard had) moesten de meeste vakbladen toegeven dat dit van alle digitale dashboards toch wel met afstand de beste was. De Yaris was leverbaar als drie- en vijf-deurs hatchback. In maart 1999 kwam de Yaris met deze 1SZ-FE motor van 993 cc (de SCP10) en deze motor leverde 68 pk. Deze motor won direct de “Engine of the Year” award. Eind 1999 kwam ook de zwaardere 1298 cc grote 2NZ-FE motor uit. Dit exemplaar (de NCP10) had een wat minder nerveus karakter en leverde 86 pk. Gelijktijdig kwam ook de MPV-versie van de Yaris op de markt, de Yaris Verso.

Technisch is deze auto gelijk aan de gewone Yaris, maar was 25 cm langer, 3 cm breder en 18 cm hoger. Ook kan de achterbank van deze Verso opgeklapt worden door middel van een ingenieus systeem waarbij de stoelen in de bodem verdwijnen. Mede door deze Verso, maar ook door het vernieuwende concept, de moto-ren en de veiligheidsuitrusting (vanaf de Terra-uitvoering twee airbags en ABS) won de Yaris de Auto van het Jaar verkiezing van 2000. Voor de tweede keer in de geschiedenis dat een Japanse auto deze verkiezing won.

Vanaf 2001 was ook de Yaris T-Sport met de 1497 cc grote 1NZ-FE en 105 pk sterke motor uit. Een erg snelle auto, omdat ook de versnel-lingsbakverhoudingen korter waren dan de andere twee versies.
Voor de kilometervreters kwam voor zowel de gewone Yaris als de Yaris Verso de 1364 cc grote 1ND-FTV dieselmotor (D4-D, commonrail, direct ingespoten Turbo-Diesel). Deze motor was helemaal bij de tijd vanwege de directe inspuiting en common rail.
In 2003 kreeg de Yaris een bescheiden facelift en wat detailwijzigingen.

Tot nu toe werd de kilometervreter met de Yaris nog niet goed bediend, want LPG was niet leverbaar op de VVT-i-motoren. Maar helaas bedraagt de meerprijs van de Dieselversie 3.600 euro, zodat deze pas op langere termijn geld gaat besparen.

Dat Toyota een dynamischer karakter wil geven aan de modellen was al te zien aan de T-Sport uitvoeringen. Maar ook deelname aan de Toyota Yaris Cup helpt hier natuurlijk aan mee. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de 2NZ-FE motor van 1298 cc, welke door diverse aanpassingen 115 pk levert.
Wat zijn de toekomstige wensen? Misschien dat die mooie cabrioletversie in productie genomen gaat worden.

Yaris P11 (2005 – )

Als in 2005 onder de Yaris P10 de Toyota Aygo wordt geïntroduceerd wordt duidelijk dat het volgende model Yaris een stukje groter moet worden. Met name door een slimme indeling met een extreem bolle motorkap neemt de binnenruimte en de bagageruimte flink toe.

De 1 litermotor met vier cilinders wordt dan vervangen door het Daihatsu exemplaar van 998 cc en drie cilinders van 69 pk. Het is dezelfde motor die onder andere in de Aygo, Daihatsu Cuore en Sirion wordt gevoerd. De 2NZ-FE motor van 1298 cc, alsmede de 1364 cc grote 1ND-FTV dieselmotor blijven gehandhaaft. De dieselmotor levert nu 90 pk, net zoveel als in de Corolla E12. De T-Sport krijgt de 1798 cc grote motor uit de Corolla Verso van 133 pk. Tezamen met een versnellingsbak met korte verhoudingen levert dit een zeer dynamisch karakter op.